Tijdens het lezen van No-nonsense coaching, de basics kwam een gedachte bij me op. In minimale vorm heeft coaching iets paradoxaals. Als je het effectief wilt doen, kun je niet voor de vuist weg een gesprek voeren en verwachten dat het goed komt. Maar met een coachingmindset en -aanpak kun je wél weer elk gesprek gebruiken voor coaching.
Het loopt anders
Het is dit soort lenige eenvoud die auteurs Yvette Konjanan en Marielle Rumph willen overbrengen. Daarom beginnen ze blanco, nuchter, en kijken wat er voorafgaat aan coaching. Wat is er eigenlijk aan de hand dat mensen coaching kunnen gebruiken, of zelfs nodig hebben? Het antwoord zit in de vraag: er is iets aan de hand. Of zoals de auteurs het zeggen: het loopt anders. Dat is toch wel het meest heldere, basale uitgangspunt dat ik in een coachingboek las.
Regiemodel
Dit uitgangspunt verklaart direct waarom volgens dit boek coaching breed toepasbaar is. Want het loopt altijd anders. Konjanan en Rumph gebruiken dit feit als basis voor hun regiemodel. Dat vertelt wat we kunnen doen als het inderdaad anders loopt. In het model staat aan de onderkant de reflexen: wat we geneigd zijn te doen (en dus meestal doen). De bovenkant begint met een keuze, een breuk met je reflex.
Het regiemodel laat zien waar coaching over gaat. Je kunt iemand ondersteunen in het maken of uitvoeren van de keuze die wegvoert van herhaalde acties met kortetermijneffect. Maar het model zegt niets over het hoe van coachen.
Basishouding
In Wat effectieve coaches anders doen las ik al dat vaardigheden het verschil maken, vooral als je ze inzet vanuit een basishouding. Ook Konjanan en Rumph benadrukken de houding. Die kan verschillen in twee dimensies: empathie en eerlijkheid. Daarmee onderscheiden ze vier smaken, waarvan er één de beste keuze is. De mature houding kun je omschrijven als gelijkwaardig. Voor mij is niet duidelijk waarom de auteurs kiezen voor de term mature houding. Het is een ongebruikelijke, ‘Danglish’ term (een mix van Dutch en English). Ik vermoed dat die de lading het beste dekt.
Konjanen en Rumph roepen met het eerste deel veel herkenning bij mij op. In duidelijke zinnen nemen ze me mee en beschrijven ze met hun regiemodel de menselijke conditie in een paar woorden. Ik ben het met ze eens dat coaching zowel eerlijk als empathisch hoort te zijn.
Structuur
Toch beginnen ze me kwijt te raken bij de structuur die ze voorstellen. Dat is begrijpelijk: als je iets als de basics neerzet, is de kans groot dat mensen er iets van vinden. Het is dan ook een kwestie van interpretatie. Van de vijf structuuronderdelen struikel ik over nummer drie: huidige situatie. Ik vind het een uitnodiging voor negatieve gevoelens.
Van de structuur vind ik de laatste twee onderdelen het beste. De coach gaat daarbij van ‘Wat zou je kunnen doen’ naar ‘Wat ga je doen’. Een actiegericht einde heeft niet alleen bewezen effect, het is voor veel mensen de reden dat ze coaching willen. Een goede coach zal de persoon zelf de antwoorden laten geven; daarin zijn de auteurs duidelijk.
Het laatste deel van dit boek geeft veel voorbeelden. Eerst voor oefeningen, daarna in de vorm van suggesties bij veelvoorkomende thema’s. Daar raakt het voor mij uit balans. Het aantal voorbeelden en de structuur ervan passen niet bij mijn aandacht.
Conclusie
De auteurs doen wat ze beloven. Ze zetten duidelijk de basics uiteen van hun visie op coaching. Bij zulke duidelijkheid valt elk detail op. In het begin van dit boek stellen ze - terecht - dat je in een gesprek expliciet moet vragen of je kunt ondersteunen. Iemand hoort te weten dat hij coaching krijgt. Later, in de voorbeelden, lijkt dit principe soms verdwenen. Iemand heeft waarschijnlijk wel iets aan de coaching, maar heeft er niet bewust voor gekozen.
Met No-nonsense coaching, de basics geven Konjanen en Rumph naar eigen zeggen geen naslagwerk, maar een praktische gids. Veel van wat ze hebben geschreven is inderdaad praktisch, of gezond coachingverstand. Maar zoals we allemaal weten: door onze reflexreacties is een opfrisser soms broodnodig.
Over Hans de Witte-van Mierlé
Hans de Witte-van Mierlé werkt als adviseur op het gebied van werkhervatting en duurzame inzetbaarheid. Hij heeft daarnaast ervaring als coach en trainer.